Het is nu bijna een jaar geleden dat ik op het vliegtuig stapte naar, wat achteraf, een van mijn grootste en mooiste avonturen van mijn leven tot nu toe zal zijn. Het doel van mijn reis was om vrijwilligerswerk te gaan doen voor de stichting Tuharuko Awai. Na een intakegesprek met de voorzitter van de stichting, Ankie van Werch (een gesprek wat mij een goed gevoel gaf over de beweegredenen van de stichting) ging ik vol idealen en onwetendheid op reis. Doel van mijn reis was om te leren van de mensen aldaar en deze zo goed mogelijk te helpen, met als persoonlijke achtergrond de wereld verbeteren.
In Nepal aangekomen bleek mijn onwetendheid groter dan verwacht. In een klap kun je niet meer rekenen op een groot aantal basisprivileges die in het westen vanzelfsprekend zijn; verwarming bestaat niet, stromend water is er zo nu en dan. maar mag je niet drinken en de elektriciteit werd gedurende mijn verblijf van 4 maanden steeds schaarster, zodat de mensen na verloop van tijd slechts 10 uur per dag elektriciteit hadden. Daarentegen kom je in een land waar mensen ontzettend gastvrij zijn, oprecht geïnteresseerd in je zijn en alle tijd voor je vrijmaken (vooral de mannen, die werken minder hard dan de vrouwen :).
Wat je al snel leert is dat je de meeste westerse normen en waarden niet kunt gebruiken bij het helpen van deze mensen. Tijdens mijn verblijf ben ik meermaals tegen de fout aangelopen dat je tot een oplossing komt vanuit een goedbedoelde westerse gedachte, maar daar kun je de mensen in Nepal behoorlijk mee kwetsen. Nepal is een land met haar eigen gebruiken, normen en waarden en deze zijn anders dan de westerse gebruiken. Dit kan voor een westerling in sommige gevallen behoorlijk frustrerend zijn omdat het niet altijd oplossingsgericht is zoals wij gewend zijn, maar in vele andere gevallen ook ontzettend leerzaam. Terugkijkend durf ik te stellen dat ik meer Nepalese gebruiken heb aangeleerd, dan dat ik de behoefte had onze gebruiken aan de mensen aldaar te leren.
De stichting heeft meerdere project in Nepal. In Kathmandu, district Pepsi Cola is er het weeshuis, de school, het vrouwencentrum en een samenwerking met het centrum voor gehandicapten. Verder is er een project met straatkinderen in Banepa en is er het project voor kansarme meisjes (red.: in Solokhumbu). Zelf heb ik mijn werk in Kathmandu en Banepa mogen uitvoeren.
Het werken in Nepal heeft een onuitwisbare indruk op mij achtergelaten. Zelfs bij het schrijven van dit verhaal springen de tranen van de mooie herinneringen mij in de ogen. Want hoewel het leven in Nepal heel anders en een stuk harder is , zijn de vriendschappen die ik er heb opgedaan fantastisch.
Het weeshuis: ik heb de verhalen van de kinderen van het weeshuis pas achteraf gelezen. Het was namelijk niet mijn intentie om deze kinderen te overvallen met een mantel van medelijden. Dat hebben deze kinderen namelijk niet nodig. Wat de stichting voor deze kinderen heeft gedaan is namelijk fantastisch. Het weeshuis is namelijk een echt huis voor de kinderen geworden. Ze kunnen zeer goed met elkaar opschieten, doen huishoudelijke taken, helpen elkaar met huiswerk, werken in hun tuin en spelen veel samen. Binnen het weeshuis heerst een bepaalde hiërarchie tussen de kinderen waar wij westerlingen onze bedenkingen bij kunnen hebben, maar dit is wel een manier waardoor het weeshuis goed functioneert. Dan werkt er ook de super lieve Didi, die van de kinderen houdt zoals een moeder van haar eigen kinderen houdt.
Het doel van de stichting is niet altijd maar terug te kijken naar het harde leven wat de kinderen hebben gehad, nee, deze kinderen mogen nu genieten dankzij de stichting! Daarnaast zorgt ze ervoor dat de kinderen aan een toekomst kunnen bouwen!
De werkzaamheden van de vrijwilligers bestaan uit het helpen met huiswerk, kinderen voorbereiden met naar school gaan, helpen in de keuken en schoonmaken. Het was dan ook iedere dag een genot om het weeshuis binnen te lopen en door heel veel kleine handjes vastgepakt te worden omdat ze voelen dat je daar voor hen bent en ze je kunnen vertrouwen.
De school in Kathmandu, CBIA, is met medewerking van vele vrijwilligers opgeknapt. In de school is de westerse kennis wel een pre en deze wordt door de vrijwilligers ingebracht. Dit heeft een aantrekkingskracht op goede leraren uit Kathmandu, wat een extra kwaliteitsslag voor de school betekent. Mede hierdoor groeit de school zeer snel en dit zorgt straks weer voor een stimulans van de overige trajecten.
In Nepal is het onderwijs anders dan in het westen. Aan de ene kant halen de kinderen net zoveel kattenkwaad uit als de kinderen hier, maar het respect voor de leraren is groter. Dat komt ook omdat de leraren er een stuk strenger zijn. Toch zijn de kinderen altijd nieuwsgierig naar de grote buitenlandse meneren en mevrouwen, waardoor je ze tijdens de lessen continu tweestrijd ziet; aan de ene kant willen ze de vrijwilliger heel graag uittesten met kattenkwaad, maar aan de andere kant weten ze ook dat dit straf kan opleveren.
Het schooltraject is een fantastisch mooi traject, waaruit de kracht van de stichting in samenwerking met de locale mensen in Kathmandu, duidelijk naar voren komt.
Het traject voor de straatkinderen in Banepa is een traject wat mij nauw aan het hart gaat. Dit was de feitelijk reden voor mijn verblijf in Nepal. Door omstandigheden ben ik uiteindelijk iets langer dan een maand in Banepa verbleven.
Het werken met de straatkinderen was aan de ene kant heftig, maar aan de andere kant zo ontzettend waardevol. Hier werd ik met mijn neus op de feiten gedrukt dat de westerse instelling soms totaal niet in situaties in Nepal passen. Zo werd slecht alleen ‘s ochtends les gegeven aan de straatkinderen, maar de bedoeling was dit op twee momenten te doen. Dit heb ik geïntroduceerd en het bleek dat de kinderen ipv ’s ochtends, alleen maar ’s middags op kwamen dagen. Toen ik ze daar op aansprak werd mij duidelijk hoe hard de wereld voor deze kinderen is. De kinderen wilden graag twee maal per dag naar school komen, maar ze moesten werken of voor het huishouden zorgen en konden dus niet twee maal komen opdagen. Deze voor mij onverwachte mededeling, verteld door hele jonge kinderen, leverde dan ook behoorlijk wat rillingen op.
Verder is het erg confronterend te zien hoe de kinderen staan te bedelen wanneer ze op het einde van de les wat te eten krijgen. Deze traktatie is voor sommige kinderen van levensbelang en een hele goede trekpleister om naar de school te blijven gaan.
Hoewel de straatkinderen een harde mentaliteit hebben, puur om te overleven, willen ze ook gewoon heel graag kind zijn. Toen er dan ook wat sportspullen waren aangeschaft en er een sportmiddag per week werd geïntroduceerd waren de kinderen dolblij.
Tijdens de lessen waren de kinderen in de les soms onhandelbaar (vaak ook omdat ze de stof het niet goed begrepen en dan is stoer doen een goed masker). Wanneer je diezelfde kinderen dan op straat tegen kwam, waren ze super lief. Toen ik na een maand uiteindelijk vertrok, waren meerdere kinderen aan het huilen en ook ik had het erg moeilijk om de kinderen weer los te laten.
De stichting zorgt ervoor dat de kinderen in ieder geval een klein gedeelte van de dag kind kunnen zijn. Dit doet ze door de aanschaf van sportmateriaal en wat speelgoed, wat goed bijgehouden wordt door de lieve mensen van de school waar een aantal ruimtes van gebruikt worden.
Al met al heb ik met eigen ogen mogen zien wat de stichting Tuharuko Awaj voor de mensen in Nepal doet. De oprechtheid waarmee dit gebeurt is geweldig en het resultaat is verbluffend. Er worden ontzettend veel kinderen en vrouwen geholpen met deze trajecten en door de goede samenwerking met de locale bevolking zorgen deze projecten ook voor extra werkgelegenheid. Ik zal mijn werkzaamheden voor deze stichting op korte termijn in Nederland voortzetten, waarbij ik ook durf te stellen dat ik binnen enkele jaren zeker terug ga.
Frank Schram